|
| |
| Beschouwing van
Zingeving (Dutch) |
|
Wat kunnen wij weten, wat moeten wij doen en wat mogen wij
hopen, luidt de formulering van Kant. Het gaat om de vragen 'naar het
vanwaar en waarheen van ons leven, naar onze eigenlijke identiteit, naar
de herkomst van het kwaad in de wereld en niet in de laatste plaats die
naar het waarom en waartoe van onze aanwezigheid hier, de vraag dus naar
de zin en de bestemming van ons bestaan of ook van de werkelijkheid als
geheel'. Over de zin van het leven wordt verschillend gedacht in onze
pluralistische maatschappij. Volgens positivistische filosofen gaat het
om een vraag waarop geen antwoord mogelijk is, en die in de wetenschap
daarom geen plaats heeft. Van Wittgenstein stamt de bekende stelling;
'De oplossing van het probleem van het leven merkt men aan het
verdwijnen van dit probleem'. Freuds stellingname gaat in deze richting.
Vele psychotherapeuten zijn hem daarin gevolgd. Indien men zin moet
géven aan zijn leven, heeft dat van zichzelf blijkbaar geen zin. 'Zingevingsproblematiek'
is niet alleen een lelijk woord, maar ook een bedenkelijke term. Indien
het leven als zinvol wordt ervaren hoeft er geen zin aan gegeven te
worden, het hééft zin. Zingeving is een woord voor een buitenstaander
die ertegenaan kijkt, maar er niet in zit. Zin is een nevenproduct,
wellicht zelfs een essentieel nevenproduct. De uitspraak van Kónradf
dat men de vraag van de zin van het leven beantwoordt met zijn
levensloop, is voortreffelijk.
Meer van alles waar we in het westen vaak al te veel van hebben, zal
ons niet brengen bij de zin van het leven. 'Mensen geloven in hun leven
oprecht dat zij bijna voldoende hebben van alles wat zij wensen. Een
klein beetje meer en zij zijn er, en voor altijd tevreden.' Het is een
illusie te denken dat daar de zin van het leven gevonden kan worden. Dit
wordt geciteerd door Keren (1996) uit een boek van Timothy Mitter met de
pakkende titel: How to want what you have. Te willen wat je hebt, wat je
bent, amor fati, is een deel van de zin van psychotherapie. Uiteraard
bedoel ik dan in onze westerse situatie niet zozeer de materialia als
wel wat er op je weg komt en wat je er ooit zelf hebt aangericht. Deze
amor fati maakt deel uit van het noodzakelijke rouwproces van iedere
psychotherapie.
Geloven in/hopen op een uiteindelijke zin moet worden gedragen door
een gemeenschappelijk verlangen en het vertrouwen dat er ook iets van
gerealiseerd kan worden. Daarover bestaat in onze pluriforme
maatschappij geen eensgezindheid en cliënt en psychotherapeut hoeven
het er ook niet over eens te zijn. Uiteindelijke zin is geen zaak van
weten sensu stricto. Ook in godsdienstig perspectief is de zin van het
leven bij voorkeur niet iets dat komt ondanks en bovenop een zinloos
bestaan. Maar als God de uiteindelijke zin is van het bestaan, is Hij
dat ook vanaf het begin ervan. Het gehele leven kan daardoor een
bepaalde kleur krijgen: de situatie is bij voorbeeld nooit hopeloos.
Tenslotte is de zin dan al gegarandeerd. Ook voor de duizenden
slachtoffers van een overstroming in Bangladesh of voor een dubbel
gehandicapt kind in Europa. Allen staan geschreven in de palm van Gods
hand. Dat geloof en dat basale vertrouwen is niet aan alle mensen
gegeven.
Citaten afkomstig uit:
Harry Stroeken - Zoeken naar zin; Psychotherapie en existentiële vragen.
Boom uitgeverij 1999, Amsterdam. ISBN 9053525068 NUGI 711,713 |
|